Zeekool
Als de veerboot van Texel aankomt in Den Helder, is een eerste blik altijd op de dijk aan de oostkant van de haven. Op de punt van die dijk in het militaire gebied, oorspronkelijk zwartachtig door de basaltstenen, is al jarenlang een verovering aan de gang. Niet door mariniers of andere groen versierde mannen of vrouwen, al of niet bewapend, maar door een prachtige plant, zeekool.
Grijsachtig groen van blad, sommige exemplaren wat rood aanlopend, met golvende bladranden als een heel losse boerenkool, maken ze van die dijk een prachtige tuin. En zo rond het begin van de zomer staat alles in een uitbundige bloei van witte bloemen. Als extraatje, maar dat is vanaf die veerboot niet waarneembaar, geurt die bloemenpracht ook nog eens alsof je in een enorm vat honing bent gevallen.
De laatste jaren staan steeds meer van die planten op onze dijken. De Afsluitdijk is een dertig kilometer lange akker van zeekool. Effect van de opwarming?
Crambe maritima, zoals de plant officieel heet, is een wilde plant van de kusten. Van Midden Europa en rond de Middellandse Zee. Anders dan bij voorbeeld zeekraal, die het zout in de plant opslaat, filtert zeekool het meeste zout uit. Er zijn ongeveer tien Crambe soorten. Sommige zijn vaste planten, andere zijn éénjarig. En alle bloeien als kool, maar met mooie witte bloemen. En zeekool is evenals kool een goed eetbaar gewas.
Ongeveer twintig jaar geleden kreeg ik wat zaden. Mooi aan die zaden is dat ze verpakt zijn in een houtachtig drijvertje. Zo varen ze de wereldzeeën over, op zoek naar een nieuwe vestigingsplaats. Zoals ook strandbieten dat doen, met hun kurkachtig omhulde zaden.
De teelt vond ik geen overdonderend succes. Volgens de boekjes moest zeekool gebleekt en vervroegd of geforceerd worden om een goed eetbaar product te krijgen. Maar die bleke of witte sprieten, die ook nog eens gevoelig waren voor rotten, konden me niet bekoren. Net als asperges: een heel jaar koesteren voor een paar weken snoepen. Nog erger dan aardbeien.
Inmiddels heb ik de teeltwijze vereenvoudigd. Gewoon van de akker snijden. In het voorjaar de stengeltjes oogsten. En paar bloeistengels laten staan.
Geur en kleur in de groentetuin.
Jaap Vlaming


