Wilde planten
Niet zo lang geleden las ik dat mensen die naar Niger waren verhuisd, in de regentijd allerlei wilde planten verzamelden om te eten. Zo konden ze de geteelde voorraad bewaren voor als de groei voorbij was. De Nigerijnen keken daar verbaasd van op, want veel van die planten aten zij in het geheel niet. Dom natuurlijk.
Op bezoek bij de Karo, een prachtig volk in het zuidwesten van Ethiopië, dat wat aan 'bodypainting' met witte klei doet, zag ik een plantje staan dat leek op tuinkers. Even proeven en ja hoor, ook de smaak kwam overeen. Met zichtbaar afgrijzen keken de Karo me aan toen ik me blad achter blad verrijkte met een flinke hoeveelheid vitamine C. En ze meenden ten stelligste dat zij die planten niet konden eten. Dom natuurlijk, want zoveel vitamine C zit er nou ook weer niet in het gemiddelde menu van deze Ethiopiërs. Hun belangrijkste voedsel is vooral sorghum en wat extra vitamine C zou dan geen kwaad kunnen.
In Nederland staat in sommige catalogi het gewas 'molsla'. Een fraaie naam voor paardenbloem. Als je die op regel zaait en als witlof oogst, dan geven ze in het vroege voorjaar een aardige hoeveelheid blad. Wel erg bitter. Hoewel buitengewoon gezond, kan het gemiddelde Nederlandse 'bekje' dit niet goed weg krijgen. Maar gebleekt, dus in het donker getrokken, is die bitterheid een stuk minder. Desalniettemin is het gewas nooit erg populair geweest.
En wat te denken van melde? Rijk aan ijzer, rijk aan vitaminen. Planten tot twintig centimeter hoog kunnen gesneden worden als spinazie en ook de jonge stengels zijn lekker. Steviger dan spinazie en veel voller van smaak. Een paar duizend jaar geleden was het een belangrijke groente, nu veeleer 'onkruid'.
Dom natuurlijk van die Nederlanders om geen paardenbloem, melde, brandnetel, zevenblad en madeliefje te eten, want ze hebben minstens zoveel voedingswaarde en veelal ook meer smaak dan veel soorten groente die je uit de winkel haalt.
Vreemd toch dat mensen bij de zoektocht naar iets bijzonders veel meer kijken naar wat van ver komt dan wat er om de hoek staat.
Jaap Vlaming


